Verre Bestemmingen

China is opeens de goedkoopste verre bestemming van 2026

· 5 min leestijd

Terwijl iedereen het nog over Thailand en Bali heeft, boeken steeds meer Nederlanders dit jaar iets heel anders: China. Al ruim anderhalf jaar kun je zonder visum het land in, en die regeling is deze maand verlengd tot minstens eind 2026. Voeg daar de gunstige wisselkoers bij en je snapt waarom een land dat lange tijd als lastig en duur gold, opeens op reislijstjes verschijnt.

Visumvrij tot minstens eind 2026

Sinds 30 november 2024 mogen Nederlanders met een gewoon paspoort zonder visum naar China voor toerisme, familiebezoek of een kort zakelijk bezoek, tot een maximum van 30 dagen. Die proefregeling zou eigenlijk aflopen, maar is verlengd tot en met 31 december 2026, meldde de NOS al bij de eerste aankondiging. Je paspoort moet nog minimaal zes maanden geldig zijn en je hebt een retour- of doorreisticket nodig, maar de aanvraag, de kosten en de wachttijd van een visum vallen simpelweg weg.

Check voor je vertrekt altijd de actuele voorwaarden op nederlandwereldwijd.nl, want de regeling is nog steeds een proef en geen vaste wet. Wil je langer blijven dan een maand of ga je studeren of werken, dan heb je nog altijd een visum nodig.

Waarom het nu ineens betaalbaar is

De reisbranche meldt dat prijzen voor verre bestemmingen dit jaar met 10 tot 15 procent zijn gedaald, vooral doordat de euro sterker staat tegenover de dollar. Voor Aziatische bestemmingen die van oudsher als prijzig golden, zoals Japan, geldt dat effect minder: daar wordt het juist duurder voor toeristen door een aparte belasting op buitenlandse bezoekers. China profiteert wel van de zwakkere dollar en heeft bovendien een enorm hogesnelheidstreinnetwerk, waardoor je binnenlandse verplaatsingen vaak goedkoper en sneller regelt dan een binnenlandse vlucht.

Reisorganisatie Fox Reizen ondervroeg dit jaar meer dan tweeduizend reizigers naar hun droombestemming, en China viel daarbij expliciet op tussen de vertrouwde favorieten. Niet gek: het land biedt een combinatie die je nergens anders vindt, van futuristische miljoenensteden tot eeuwenoude waterdorpen.

Wat je te zien krijgt

Rond Guilin, in het zuiden, steken honderden kalksteenpieken als groene punten uit het landschap, het decor waar ontelbare Chinese schilderijen op gebaseerd zijn. In Chengdu bezoek je de pandabasis waar je reuzenpanda's in hun natuurlijke habitat ziet, in plaats van achter glas in een dierentuin. Shenzhen en Shanghai laten dan weer de andere kant van het land zien: skylines die twintig jaar geleden nog niet bestonden, met treinstations en metro's die tot de snelste en schoonste van de wereld horen.

Voor wie liever iets rustigers zoekt, zijn er de waterdorpen zoals Wuzhen, met kanalen, stenen bruggetjes en eeuwenoude houten huizen. Combineer dat met een stop in Xi'an voor het terracottaleger en je hebt een rondreis die qua afwisseling niet onderdoet voor een rondreis door Vietnam, maar dan met een schaal en infrastructuur die uniek zijn voor China.

Een route van drie weken als eerste kennismaking

Begin in Peking voor de Verboden Stad, het Tiananmenplein en een tocht langs een van de minder drukke stukken van de Chinese Muur, zoals Mutianyu in plaats van het overvolle Badaling. Neem daarna de hogesnelheidstrein naar Xi'an, iets meer dan vier uur rijden, voor het terracottaleger en de oude stadsmuur. Van daaruit reis je door naar Chengdu voor de panda's en het pittige Sichuan-eten, en sluit je af in het zuiden met Guilin of Yangshuo, waar je tussen de kalksteenpieken kunt fietsen of op de rivier de Li kunt varen.

Reken voor deze route op zo'n drie weken als je ook tijd wilt overhouden om gewoon door een stad te dwalen. Wie minder tijd heeft, kan prima met tien dagen toe door zich te beperken tot twee of drie steden en de rest van de tijd te sparen voor treinreizen en jetlag. De grootste tijdwinst zit hem in het vooraf boeken van je hogesnelheidstreinen: op drukke trajecten, zoals Peking naar Xi'an in het weekend, zijn de goede tijden binnen een paar dagen uitverkocht.

Dingen die anders werken dan je gewend bent

Contant geld en zelfs je gewone bankpas schieten in China vaak tekort. Alipay en WeChat Pay zijn de standaard, ook voor een fles water bij een straatkraampje, dus regel je betaalapp met een gekoppelde buitenlandse kaart al voor vertrek. Ook Google, Instagram en WhatsApp werken niet zonder VPN, dus installeer die vooraf op je telefoon, want binnen China lukt downloaden lastig.

Voor de hogesnelheidstrein boek je het handigst via de app Trip.com, waar je ook met een buitenlands paspoort een ticket kunt reserveren. Vermijd de nationale feestweek rond 1 oktober en het Chinese Nieuwjaar: dan reist een groot deel van het land tegelijk en lopen prijzen en drukte flink op. Wie liever een cultuurstad combineert met tempels en geschiedenis, vindt trouwens ook inspiratie bij Angkor Wat in Cambodja, al is de schaal van China met steden van tientallen miljoenen inwoners in een andere categorie.

Waarom je niet te lang moet wachten

De visumvrije regeling is nu gegarandeerd tot 31 december 2026, maar blijft officieel een proef die China ieder moment kan aanpassen. Combineer dat met de huidige lage prijzen, en het plaatje is duidelijk: wachten kan je straks geld en gemak kosten. Boek je vlucht op tijd, regel je betaalapp voordat je instapt, en je hebt een verre bestemming te pakken die twee jaar geleden nog nauwelijks op een Nederlands reislijstje stond.

K
Geschreven door Kai Jansen Reis redacteur

Kai is fotograaf en reisschrijver die gelooft dat de beste reiservaring begint waar de planning stopt. Hij schrijft reisgidsen die lezen als persoonlijke brieven: vol met ontdekkingen die je niet in een Lonely Planet vindt, restaurants die alleen locals kennen, en het soort momenten dat je niet kunt plannen. Zijn tips komen uit eigen ervaring, niet van recensie-websites, en zijn foto's bewijzen dat hij er echt was. Hij reist het liefst zonder retour geboekt te hebben en schrijft het liefst in cafés met slecht wifi en goede koffie.